Menu Sluit menu

Wat is hematologie?

Hematologie is de leer van de bloedcellen en van de weefsels (beenmerg en lymfatisch systeem), waarin de bloedcellen worden geproduceerd. 

Bloed is een zeer belangrijke en veelzijdige vloeistof. De belangrijkste functie van het bloed is het opnemen van zuurstof in de longen om het vervolgens te vervoeren naar alle delen van het lichaam. Bloed heeft echter nog veel meer taken, zoals het transporteren van voedingsstoffen, warmte, afweerstoffen en hormonen. Bovendien zorgt het ervoor dat de afvalstoffen uit het lichaam worden verwijderd.

De hematoloog behandelt patiënten met bloedziekten (hematologie) en bloedstollingsziekten (hemostase). Soms zijn het kwaadaardige ziekten, maar in vele gevallen zijn deze ziekten goedaardig.

Dit zijn alvast enkele voorbeelden van aandoeningen die de dienst hematologie behandelt:

  • Amyloïdose 
  • Leukemie: chronisch en acuut, lymfatisch en myeloid 
  • Ziekte van Hodgkin 
  • Verschillende vormen van Non Hodgkin lymfoom 
  • Multipel Myeloom = ziekte van Kahler 
  • Myelodysplasie 
  • Trombofilie: stollingsneiging 
  • Sikkelcelziekte -thalassemie 
  • Polycythemie vera/essentiële trombocytose 
  • ITP 
  • Ziekte van von Willebrand/bloedingsneiging 
  • Anemie of bloedtekort 
  • Hemochromatose 

Hematologische patiënten worden op de hospitalisatieafdeling oncologie, het oncologisch dagziekenhuis en de polikliniek oncologie behandeld, ook al zijn de aandoeningen soms niet kwaadaardig. Bij vragen i.v.m. het discipline hematologie kunt u altijd inlichtingen vragen op de polikliniek oncologie.

Hematologische onderzoeken

Biopsie

Bij een biopsie neemt men een stukje weefsel uit een orgaan of letsel weg met een naald of mes. Dit stukje weefsel wordt daarna verder onderzocht. Vaak wordt dit uit een lymfeklier weggenomen.

Beenmergpunctie

Wat is beenmerg?

In de botten van het skelet bevindt zich een rode sponsachtige substantie die beenmerg wordt genoemd. Het merg heeft het vermogen om nieuwe bloedcellen te maken: rode bloedcellen, witte bloedcellen en bloedplaatjes. Deze cellen worden op een bepaald ogenblik vanuit het merg vrijgegeven in de bloedbaan. De uitgerijpte cellen hebben maar een beperkte levensduur en moeten dus continu worden bijgemaakt. Het beenmerg is dus totaal verschillend van ruggenmerg.

Beenmergpunctie 

De punctie wordt uitgevoerd als één van de onderzoeken bij hemato-oncologische aandoeningen. De plaats van de punctie kan het borstbeen zijn of de achterzijde van het bekken. Eerst wordt de plaats ontsmet en plaatselijk verdoofd. Hierbij zuigt men door middel van een holle naald, aan de achterzijde van het bekken of uit het borstbeen een kleine hoeveelheid beenmerg op. Het beenmerg wordt verder onderzocht in het labo. 

Botboorbiopsie

Voor een botboorbiopsie wordt een speciaal daarvoor ontworpen naald gebruikt. Doel is het bekomen van een botcilinder van ongeveer 2 cm. De plaats van het onderzoek is  meestal ter hoogte van de heupkam aan de achterzijde van het bekken, dus op uw rug. De plaats wordt ontsmet en plaatselijk verdoofd. Vervolgens wordt een punctie uitgevoerd met de naald. Een botcilinder wordt uit het bot gedraaid. De botcilinder wordt gedept en/of afgerold op een aantal draagglaasjes die dienen voor hematologisch onderzoek. Deze techniek geeft de mogelijkheid meer te weten te komen over de samenstelling en structuur van beenmerg.

Behandelingen

Aderlating

Een aderlating gebeurt op dezelfde manier als bloed geven. Gemiddeld wordt 500 ml per aderlating afgenomen. Bij ijzerstapelingsziekte (hemochromatose) worden aderlatingen gebruikt om de te hoge opgeslagen voorraad ijzer van een patiënt tot normale waarden terug te brengen. Een andere indicatie voor aderlating is 'polycythaemia vera': door de ongebreidelde aanmaak van rode bloedcellen kunnen regelmatige aderlatingen noodzakelijk zijn.

Plaatsing van een subcutane veneuze poort of Hickman® katheter

Een subcutane veneuze poort is een volledig implanteerbaar systeem voor de toediening van medicatie zoals chemotherapie, en voor het afnemen van bloed. De poort wordt volledig onder de huid geplaatst, via een kleine operatie. Dit kan op verschillende plaatsen in het lichaam, maar de meest geschikte plaats is net boven de borst. De ingreep wordt verricht door een chirurg die u de nodige uitleg zal geven. Na de implantatie kan het reservoir, een kleine injectiekamer afgesloten door een siliconenmembraan, met een speciale naald via de huid aangeprikt worden.

Een Hickman® katheter is een lang hol buisje met één, twee of drie uiteinden. De katheter is gemaakt van een zacht rubberachtig materiaal (sillicone). De katheter wordt ingebracht in een grote ader en wordt daarom ook wel een 'centraal veneuze katheter' genoemd. Een deel bevindt zich onder de huid maar de uiteinden blijven zichtbaar buiten het lichaam. Langs deze uiteinden wordt medicatie, chemotherapie of parenterale voeding toegediend. De uiteinden buiten het lichaam heten 'lumen'.

Chemotherapie

Chemotherapie is een verzamelnaam voor geneesmiddelen die de groei van abnormale cellen, zoals kankercellen, verhinderen of deze cellen vernietigen. Chemotherapie wordt via de bloedbaan toegediend. Sommige producten bestaan ook in tabletvorm en worden dan via de mond ingenomen. Bij bepaalde chemotherapie is er sinds kort een nieuwe toedieningswijze waarbij het product onderhuids wordt ingespoten (subcutaan).

Brochure 'Chemotherapie' 

Immunoglobulines

Deze geneesmiddelen bevatten antistoffen die in het menselijk bloed voorkomen. Antistoffen helpen het lichaam bij het bestrijden van infecties. Immunoglobulines worden gebruikt voor patiënten die onvoldoende antistoffen in hun bloed hebben en vaak infecties oplopen. Ze kunnen ook worden ingezet voor patiënten die extra antistoffen nodig hebben voor de behandeling van bepaalde ontstekingsziekten (auto-immuunziekten).

Transfusie

Een transfusie is een behandeling waarbij bloed of bloedbestanddelen van een donor in de ader van een patiënt wordt ingebracht. Therapeutische bestanddelen van bloed zijn rode bloedcellen, bloedplaatjes en plasma.

Brochure 'Bloedtransfusie'

Beschermende isolatie

Op de hospitalisatieafdeling oncologie worden zowel minder zieke als zwaar zieke patiënten verzorgd. Soms moet een patiënt geïsoleerd worden van de omgeving omdat de weerstand zeer laag is. Dit betekent dat hij of zij de kamer niet mag verlaten. De familie, artsen en verpleging moeten extra aandacht schenken aan handhygiëne en doen een masker, handschoenen en soms een schort aan.

De isolatiemaatregelen worden aangepast aan de behandeling en de toestand van de patiënt. De arts zal dit bespreken en uitleggen waarom er tot bepaalde maatregelen wordt overgegaan. Het is mogelijk dat de toestand tijdens de opname verandert en de manier van verzorgen moet worden aangepast. 

Stamceltransplantatie

Een stamceltransplantatie is een ondersteunende behandeling die erop gericht is om stamcellen, die door een hoge dosis chemotherapie en/of radiotherapie zijn vernietigd, te vervangen door gezonde exemplaren. Stamceltransplantaties worden toegepast bij een groot aantal hematologische aandoeningen. 

Wat zijn stamcellen?

Pluripotente stamcellen zijn primitieve, onrijpe bloedcellen die leven in het beenmerg. Beenmerg is het zachte sponsachtige materiaal binnenin de botten. De bloedvormende stamcellen splitsen zich om nog meer stamcellen te vormen, of ze ontwikkelen zich tot één van de drie soorten bloedcellen: de witte bloedcellen die infecties tegengaan, de rode bloedcellen die zuurstof transporteren en de bloedplaatjes die helpen het bloed te stollen. De meeste stamcellen worden gevonden in het beenmerg.

Stamcellen verschillen van andere cellen in het lichaam omdat zij zich nog kunnen delen en zo cellen kunnen produceren die zich op hun beurt kunnen ontwikkelen tot cellen met één specifieke functie. Stamcellen zorgen er zo voor dat die cellen worden aangemaakt die het lichaam op dat moment nodig heeft voor de reparatie of vervanging van beschadigde of gebrekkige cellen.

Wat betekent autologe stamceltransplantatie?

Deze procedure heeft als doel het toedienen van zeer hoge doseringen chemotherapie - die de kankercellen moeten vernietigen - mogelijk te maken. Deze hoge dosis chemotherapie heeft niet alleen invloed op de kankercellen, maar ook op sommige gezonde cellen (vooral snelgroeiende gezonde cellen in het beenmerg en slijmvliezen). Daarom worden de gezonde stamcellen vooraf verzameld om nadien de door de chemotherapie vernietigde stamcellen te kunnen vervangen.

Voor een stamceltransplantatie wordt de patiënt opgenomen. Deze opname verloopt in drie fases. 

  • In een eerste fase krijgen de patiënten chemotherapie voor hun ziekte. 
  • Gedurende de tweede fase ontvangen de patiënten hun eigen stamcellen terug. Hiervoor is geen operatie nodig. De stamcellen worden, zoals bij een transfusie, via een katheter toegediend. 
  • De derde en laatste fase is de beschermende isolatie. Na een stamceltransplantatie heeft de patiënt nog een tijdje een zeer laag aantal witte bloedcellen en moet daarom in beschermende isolatie liggen. Als de witte bloedcellen herstellen, mag de isolatie gestopt worden. Omwille van de nevenwerkingen van de chemotherapie zijn er dan nog enkele dagen nodig om volledig te herstellen.
     

Infobrochures stamceltransplantatie

Bezoekersinformatie: Beschermende isolatie bij stamceltransplantatie
Laatst bijgewerkt op 19 november 2019
Download
Patiënteninformatie: Mondzorg bij stamceltransplantatie
Laatst bijgewerkt op 19 november 2019
Download
Patiënteninformatie: Ontslagbrochure na stamceltransplantatie
Laatst bijgewerkt op 19 november 2019
Download
Patiënteninformatie: Traject autologe stamceltransplantatie
Laatst bijgewerkt op 19 november 2019
Download
Patiënteninformatie: Opnamebrochure stamceltransplantatie
Laatst bijgewerkt op 19 november 2019
Download
Patiënteninformatie: Mondzorg bij stamceltransplantatie
Laatst bijgewerkt op 19 november 2019
Download

0 resultaten

Geen resultaten voor "", probeer opnieuw te zoeken.