Menu Sluit menu

Thuisbehandelingen

Voor bepaalde behandelingen is een opname in het ziekenhuis niet altijd nodig. Als patiënten voldoen aan een aantal voorwaarden, kunnen we bepaalde behandelingen thuis opstarten of verderzetten. 

In AZ Turnhout zijn ondersteunen wij volgende thuisbehandelingen:

OPAT

De term OPAT is de afkorting voor ‘Outpatient Parenteral Antimicrobial Therapy’ of ambulante parenterale antimicrobiële therapie.  Mits aan een aantal voorwaarden voldaan zijn, kunnen patiënten van AZ Turnhout hun antibioticabehandeling thuis verder zetten.

Info voor de thuisverpleegkundige

U bent als thuisverpleegkundige het eerste aanspreekpunt voor deze patiënten.

U krijgt de nodige instructies via het voorschrift van de behandelend arts. Per antibioticum hebben we ook een handige instructiefiche.

Info voor de huisarts

Indien nodig zal de behandelend ziekenhuisarts met u contact opnemen om de mogelijkheid tot OPAT voor de betrokken patiënt te bespreken. De arts zal  de opstart van OPAT mee vermelden in de ontslagbrief van uw patiënt.

Uw aanspreekpunt bij vragen, opmerkingen of problemen

Patiënten kunnen met hun vragen of problemen terecht bij de thuisverpleegkundige.

Thuisverpleegkundigen en huisartsen kunnen bij vragen of problemen contact opnemen met volgende diensten:

Bij katheter gerelateerde problemen:

  • Tijdens de kantooruren contacteert u de OPAT-coördinator An Bogaerts: 014 40 60 02
  • Buiten de kantooruren en bij urgenties contacteert u de telefooncentrale van  ziekenhuis: 014 40 60 11. Vraag om u door te schakelen naar de dienst spoedgevallen.

Bij medische problemen:

  • Tijdens kantooruren contacteert u de behandelend arts via zijn / haar secretariaat.
  • Buiten de kantooruren en bij urgenties contacteert u de telefooncentrale van het ziekenhuis: 014 40 60 11. Vraag  om u door te schakelen naar de dienst spoedgevallen.

Bij vragen rond medicatie en materiaal:

  • Tijdens de openingsuren van de ziekenhuisapotheek (8u – 17u) contacteert u de apotheek: 014 40 60 70
  • Buiten de openingsuren van de ziekenhuisapotheek contacteert u de telefooncentrale van het ziekenhuis: 014 40 60 11. Vraag om u door te schakelen naar de apotheker van wacht.

Bij medische noodgevallen: bel het algemeen noodnummer 112

Orale chemotherapie

Verschillende types behandelingen zijn mogelijk wanneer de diagnose van kanker gesteld wordt. Naast chirurgie en radiotherapie, kan chemotherapie een optie zijn.  

Chemotherapie wordt voornamelijk toegediend via een infuus. Echter is het ook mogelijk dat de kankerbehandeling oraal ingenomen wordt, in de vorm van capsules of tabletten. Borst, prostaat, nier, ovarium, endometrium, huid… zijn voorbeelden van tumoren die we kunnen behandelen met orale kankertherapie. 

 

Voordelen van orale kankertherapie

  • De patiënt heeft zelf controle over de inname van de medicatie.  
  • De patiënt hoeft niet steeds naar het ziekenhuis te komen voor de toedieningen.  

     

Hoe werkt orale kankertherapie? 

We spreken over orale kankertherapie omdat het zich niet beperkt tot chemotherapie (zoals celdeling remmers) alleen. Ook thyrosinekinase inhibitoren en anti-androgenen vallen onder deze noemer. Afhankelijk van de werking van de orale kankertherapie, wordt een indeling gemaakt in de groep van de klassieke moleculen, anti-hormonale therapie of doelgerichte therapie. Deze behandeling kan alleen of in combinatie met andere behandelingen opgestart worden en wordt vaak gedurende een langere periode ingenomen.  

De klassieke moleculen grijpen aan op de celdeling en leiden vervolgens tot celdood. Ze hebben ook impact op de normale snel delende cellen, wat kan leiden tot haaruitval, mucositis…  

Verder worden anti-hormonale producten gebruikt bij kankers waarbij een hormoon, zoals oestrogeen of testosteron, een actieve rol speelt in de groei van de kankercel. Door het remmen van de productie en/of binding aan de receptoren van deze hormonen, wordt de groei van de kankercellen belemmerd.  

Ten slotte zullen de doelgerichte therapieën de groei van kankercellen blokkeren door in te grijpen op specifieke mechanismen en eiwitten. Het doelwit kan aanwezig zijn in normale cellen, maar kan ook gemuteerd zijn of overmatig geproduceerd worden in tumorcellen. 

 

Zorgpad

Bij de opstart van een kankerbehandeling met capsules of tabletten komen bij patiënten vaak veel vragen naar boven. Daarom ontwikkelde AZ Turnhout een zorgpad voor de opstart en opvolging van deze patiënten. Een zorgpad geeft aan welk traject een patiënt doorloopt, wanneer welke acties worden genomen en door welke zorgverleners.

Het zorgpad is het resultaat van een samenwerking tussen medisch oncologen, verpleegkundigen en ziekenhuisapothekers. Elke zorgverlener heeft zijn eigen expertise en door deze samenwerkingen, proberen we de patiënt optimaal te begeleiden.  

Hieronder bespreken we uitgebreid het zorgpad van patiënten die orale chemotherapie nemen.

Zorgpad opstart orale chemotherapie

Op het Multidisciplinair Oncologisch Consult (MOC) bespreken we de best passende therapie voor de patiënt. Deelnemers van dit overleg zijn medisch oncologen, behandelend arts, radiotherapeut, psycholoog… . Het behandelvoorstel en eventuele bijzonderheden worden toegelicht aan de patiënt en na goedkeuring wordt de therapie opgestart.

De patiënt start met een eerste consultatie bij de ziekenhuisapotheker en verpleegkundige.  

  • De behandeling wordt uitgebreid toegelicht aan de hand van een product informatiefiche (PIF). De werking van de therapie, de dosering, de wijze van inname, de meest voorkomende nevenwerkingen en alarmsignalen… komen aan bod. Deze brochure krijgt de patiënt mee naar huis zodat die alle informatie later makkelijk kan terugvinden.
  • Ook de therapietrouw wordt besproken met de patiënt, aangezien een grote eigen verantwoordelijkheid bestaat in de correcte inname van de medicatie. Samen  zoeken we een manier om de inname van dit geneesmiddel in het dagelijks leven te passen. Verder wordt besproken hoe de medicatie bewaard moet worden.  
  • De ziekenhuisapotheker vraagt de thuismedicatie na om een correcte medicatielijst te bekomen. Ook inname van eventuele voedingssupplementen wordt bevraagd.
    • Vervolgens kijken we na of de patiënt zijn thuismedicatie en voedingssupplementen samen met de orale kankertherapie  mag innemen. De werking van de behandeling kan namelijk door andere geneesmiddelen worden beïnvloed.
    • Bij onzekerheden nemen we contact op met de huisapotheker of huisarts.
    • We geven een afdruk van het actueel medicatieschema mee met de patiënt om indien nodig te tonen aan de huisarts of huisapotheker.  
  • De verpleegkundige bevraagt het mentaal welzijn van de patiënt en maakt diverse onderwerpen bespreekbaar. De ervaring en emoties van de patiënt staan voorop.
  • Ten slotte wordt eventuele medicatie toegediend door de verpleegkundige. Voorbeelden van deze specifieke toedieningen zijn: Xgeva®, Fulvestrant®, Firmagon®, testosteron… 

     

Vervolgens gaat de patiënt naar de volgende consultatie bij de behandelend medisch oncoloog.  Tijdens deze consultatie is er tijd voor: 

  • Bespreken van laboresultaten en onderzoeken 
  • Zowel arts als patiënt kunnen elkaar vragen stellen 
  • Opmaak brief voor de huisarts 
  • Opmaak voorschrift voor de orale kankertherapie  
  •  Na de consultatie kan de patiënt de medicatie voor de orale kankertherapie  ophalen in de ziekenhuisapotheek. 

     

Schematisch overzicht van het zorgpad “opstart orale kankertherapie”

Zorgpad opvolging orale chemotherapie

Na één week belt de verpleegkundige de patiënt op. Tijdens dit telefonisch contact zal de verpleegkundige navragen hoe de eerste week van de behandeling werd ervaren. Opnieuw besteden we aandacht aan het psychosociaal welzijn van de patiënt. We bevragen ook ongewenste effecten, waarbij we eventuele ondersteunende therapie aanraden.  

Vervolgens komt de patiënt na twee weken terug op beide consultaties om korte opvolging mogelijk te maken. Vanaf dan kan om de vier tot acht weken (patiënt- en therapie afhankelijk) opgevolgd worden.  

Vooraf wordt steeds bloed afgenomen om onder andere het bloedbeeld , nierfunctie en tumormarker te controleren. Tijdens de opvolgconsultaties bij de ziekenhuisapotheker en verpleegkundige, bespreken we opnieuw de behandeling met de patiënt. Bij nood aan een interventie worden aanbevelingen gedaan aan de arts. Ook andere zorgverleners zoals een diëtist, psycholoog, of kinesist kunnen betrokken worden. De verpleegkundige dient eventuele specifieke medicatie toe.  

De medisch oncoloog bespreekt vervolgens de laboresultaten en eventuele onderzoeken. Hier wordt ook dieper ingegaan op ernstige bijwerkingen. Verder wordt bekeken of een dosisreductie of eventueel een therapieverandering noodzakelijk is.  

0 resultaten

Geen resultaten voor "", probeer opnieuw te zoeken.